Belangrijk voor de rantsoencalculator

Wil je de rantsoencalculator gebruiken? Maak dan een account aan bij het afrekenen van je bestelling, dan komt deze automatisch en kosteloos in je account te staan.

Wanneer verandert voer na weidegang bij paarden?

Wanneer verandert voer na weidegang bij paarden?

De eerste uren op de wei voelen vaak als een beloning na een winter op stal. Toch is juist dit moment een belangrijke rantsoenwissel. De vraag wanneer verandert voer na weidegang gaat daarom niet alleen over de dag waarop je paard naar buiten mag, maar vooral over de hoeveelheid gras die het werkelijk opneemt, de snelheid van die verandering en wat er verder op het menu staat.

Gras is ruwvoer, maar geen constante. De voedingswaarde, het droge-stofgehalte en het suikergehalte kunnen per perceel, seizoen, weerstype en uur van de dag verschillen. Een paard dat twee uur op een schrale wei loopt, krijgt iets heel anders binnen dan een paard dat dag en nacht op jong voorjaarsgras staat. Goed voeren begint dus met kijken naar het individuele paard én naar het gras.

Wanneer verandert voer na weidegang daadwerkelijk?

Het voer verandert zodra gras een betekenisvol deel van de dagelijkse ruwvoeropname vervangt. Dat kan al bij enkele uren weidegang het geval zijn, zeker als het gras kort, smakelijk en groeizaam is. Bij beperkt weiden blijft hooi of voordroog meestal de basis van het rantsoen. Bij langere weidegang neemt gras geleidelijk een groter aandeel over.

Maak daarbij onderscheid tussen toegang tot de wei en daadwerkelijke opname. Een paard dat buiten staat op een kale paddock met enkele sprieten gras, eet niet hetzelfde als een paard op een dicht begroeid perceel. Ook beweging, rangorde in de kudde, een graasmasker en de beschikbare tijd beïnvloeden hoeveel gras een paard opneemt.

De overgang verdient extra aandacht in het voorjaar. Jong gras bevat relatief weinig structuur en kan snel worden opgenomen. In de zomer kan droogte het gras schraler maken, waarna hergroei na regen opnieuw een duidelijke verandering in het rantsoen veroorzaakt. Ook in het najaar kan gras nog verrassend voedzaam zijn. Kijk daarom niet alleen naar de kalender, maar vooral naar groei, lengte, dichtheid en begrazingsdruk.

Gras vervangt niet automatisch al het ruwvoer

Een paard heeft dagelijks voldoende vezels nodig en moet veel tijd kunnen besteden aan kauwen. Weidegras kan daarin voorzien, maar alleen wanneer de opname echt voldoende is. Bij enkele uren weidegang is het meestal verstandig om daarnaast passend ruwvoer beschikbaar te houden. Dat voorkomt lange perioden zonder vezelrijke voeding en maakt de overgang minder abrupt.

Het is verleidelijk om het hooinet direct weg te halen zodra de wei opengaat. In de praktijk werkt afbouwen vaak beter dan stoppen. Geef bijvoorbeeld eerst ruwvoer voordat je paard de wei in gaat en verkort of verleng de weidetijd stap voor stap. Zo kan de darmflora zich aanpassen aan de veranderende samenstelling van het rantsoen.

Bij paarden die snel aankomen, gevoelig reageren op rantsoenwisselingen of weinig arbeid verrichten, is de hoeveelheid gras vaak eerder een aandachtspunt dan een tekort. Voor hen kan een gecontroleerde weideduur, een soberder perceel of het combineren van weidegang met beweging een verstandige keuze zijn. Een paard met een hogere energiebehoefte kan juist baat hebben bij extra ruwvoer naast gras, afhankelijk van conditie en trainingsbelasting.

Krachtvoer aanpassen: eerst rekenen, dan minderen

Of krachtvoer na weidegang omlaag kan, hangt af van het doel van het paard. Gras levert energie en eiwit, maar die aanvoer is niet stabiel en zegt op zichzelf weinig over de volledige nutriëntenbalans. Een recreatiepaard dat in goede conditie is en volop jong gras eet, heeft vaak minder extra energie nodig. Een sportpaard in intensieve training, een opgroeiend paard of een paard dat moeilijk op gewicht blijft, vraagt om een andere beoordeling.

Verlaag krachtvoer niet blindelings op basis van meer gras. Beoordeel eerst de lichaamsconditie, het gewicht of de gewichtsband, de arbeid, mestconsistentie, eetlust en het algemene beeld van je paard. Verandert de conditie zichtbaar, pas dan in kleine stappen aan. Grote schommelingen van de ene op de andere dag maken het lastig om te zien wat het effect is.

Krachtvoer heeft bovendien niet alleen een functie als energieleverancier. Soms wordt het gebruikt als drager voor een rantsoenaanvulling of om bepaalde voedingsstoffen in het totale menu te borgen. Wanneer je een portie sterk verlaagt, kan ook de dagelijkse opname van vitaminen, mineralen en sporenelementen veranderen. Kies daarom liever voor een gerichte aanvulling die past bij een ruwvoerrijk rantsoen dan voor een grote hoeveelheid voer zonder duidelijke functie.

Let op wat gras níet betrouwbaar levert

Een groen perceel oogt compleet, maar de samenstelling van gras is nooit volledig voorspelbaar. Bodemtype, bemesting, botanische samenstelling, groeiwijze en weersomstandigheden spelen allemaal mee. Vooral de voorziening van mineralen en sporenelementen vraagt aandacht wanneer gras een groot deel van het rantsoen vormt.

Dat betekent niet dat elk paard hetzelfde nodig heeft. Een rantsoen moet passen bij leeftijd, gewicht, arbeid, conditie en de kwaliteit van het overige ruwvoer. Een ruwvoeranalyse geeft daarbij veel meer houvast dan aannames op basis van kleur of geur. Laat je, waar mogelijk, ook informeren over het beheer van de wei en eventuele bemesting.

De filosofie uit het boek Het Nieuwe Voeren sluit hier goed op aan: ruwvoer vormt de basis, biodiversiteit en variatie verdienen aandacht, en aanvullingen kies je gericht op de hiaten in het totale rantsoen. Niet zoveel mogelijk toevoegen, maar onderbouwd voeren met het welzijn van het paard als uitgangspunt.

Zo bouw je de overgang naar meer weidegang op

Een rustig opbouwschema geeft je paard tijd om te wennen en geeft jou de kans om goed te observeren. Begin met korte momenten op het gras, vooral wanneer je paard in de winter weinig of geen weidegang heeft gehad. Verleng de tijd vervolgens geleidelijk. Hoe snel dat kan, verschilt per paard en per perceel.

Bij een overgang naar dag en nacht weiden is het verstandig om niet alleen de uren buiten op te bouwen, maar ook het aanvullende ruwvoer stapsgewijs aan te passen. Houd daarbij voldoende vezelrijke voeding beschikbaar totdat duidelijk is hoeveel gras je paard werkelijk opneemt. Bij schraal gras, een grote kudde of een paard dat laag in rang staat, kan aanvullend ruwvoer langer nodig blijven.

Observeer in deze periode dagelijks. Een veranderende mest, opvallende onrust rond voer, snel toenemende conditie of juist gewichtsverlies zijn signalen om het rantsoen opnieuw te bekijken. Ook hoefkwaliteit, vacht, trainingsbereidheid en herstel na arbeid geven informatie, al hebben die natuurlijk meerdere mogelijke oorzaken. Wie twijfelt, schakelt een dierenarts of gekwalificeerd voedingsdeskundige in.

Veelgemaakte fouten rond voer na weidegang

De meest voorkomende fout is denken dat weidegang altijd gelijkstaat aan onbeperkt goed ruwvoer. Gras kan een waardevolle basis zijn, maar de beschikbaarheid en samenstelling wisselen voortdurend. Een tweede fout is alle aanpassingen tegelijk doen: minder hooi, minder krachtvoer, een andere aanvulling en meer weidegang. Als je paard dan anders reageert, weet je niet welke wijziging de oorzaak is.

Ook het overslaan van een conditiebeoordeling leidt gemakkelijk tot verkeerd voeren. Kijk met je handen én je ogen naar ribben, schouder, hals en achterhand. Een paard met een dikke vacht of een rond zomerbuikje kan anders ogen dan zijn werkelijke vetbedekking doet vermoeden. Regelmatig wegen of meten maakt veranderingen eerder zichtbaar.

Tot slot: voerbeleid op de wei is geen eenmalige voorjaarsactie. Een droge periode, nieuw land, een verandering in training of een verhuizing naar een andere stal kunnen allemaal reden zijn om opnieuw naar het rantsoen te kijken.

De beste vraag is daarom niet alleen wanneer je voer moet veranderen na weidegang, maar ook: wat vertelt dit specifieke paard mij vandaag? Door gras, ruwvoer, arbeid en conditie steeds samen te beoordelen, maak je van weidegang geen gok, maar een natuurlijke en goed begeleide basis voor het dagelijkse welzijn van je paard.

Zurück zum Blog

Meer weten over gezond voeren?

Meld je aan voor onze gratis 12-delige e-mailserie. Elke drie dagen krijg je praktische kennis over paardenvoeding in je inbox, van ruwvoer tot mineralen.

Afmelden kan altijd.