BERECHNE DIE RATION FÜR DEIN PFERD; AUCH MIT EIGENER RAUHFUTTERANALYSE

[Möchtest du den Rationsrechner nutzen? Erstelle beim Bezahlen deiner Bestellung ein Konto, dann wird dieser automatisch und kostenlos deinem Konto hinzugefügt.

Voorbeeld rantsoen voor oudere pony in balans

Voorbeeld rantsoen voor oudere pony in balans

Een oudere pony die wat trager eet, zijn voer laat liggen of geleidelijk van vorm verandert, heeft niet automatisch ‘meer krachtvoer’ nodig. Juist dan loont het om terug te gaan naar de basis. Dit voorbeeld rantsoen voor oudere pony laat zien hoe je ruwvoer, eiwit, vitaminen en mineralen logisch opbouwt - met oog voor gebit, mest, conditie en dagelijkse beweging.

Oud worden is geen ziekte en ook geen reden om elke senior hetzelfde te voeren. De ene pony blijft met 22 jaar rond en actief op sober ruwvoer, de andere verliest ondanks een ruime voerbak spiermassa. De kwaliteit van het ruwvoer, de opname, het lichaamsgewicht, het gebit en de leefomstandigheden maken samen het verschil. Een goed rantsoen begint daarom niet bij de voerzak, maar bij kijken, wegen en rekenen.

Eerst kijken: wat vertelt je oudere pony?

Maak minstens eens per maand een vaste conditiecheck. Voel met vlakke hand langs de ribben, kijk naar de bespiering boven de rug en rond de achterhand, en let op veranderingen in vacht, mest, eettempo en gedrag. Een dikke wintervacht kan een afname van bespiering bijvoorbeeld makkelijk verbergen.

Controleer ook het gebit regelmatig. Haken, losse kiezen, slijtage of een minder goede kauwfunctie kunnen ervoor zorgen dat een pony ruwvoer minder efficiënt verwerkt. Lange vezels in de mest, proppen halfgekauwd hooi of opvallend langzaam eten zijn signalen om een paardentandarts of dierenarts mee te laten kijken. Pas daarna kun je eerlijk beoordelen of het huidige voer werkelijk niet past.

Weeg ruwvoer met een weegschaal en schat lichaamsgewicht liever niet alleen op het oog. Een meetlint is een bruikbaar hulpmiddel om trends te volgen, zolang je steeds op dezelfde manier meet. Kleine verschillen in het rantsoen tellen bij een pony namelijk relatief snel op.

De basis van een rantsoen voor een oudere pony

Ruwvoer blijft het uitgangspunt. Een pony heeft vezels nodig voor een rustig eetpatroon en een natuurlijke darmwerking. Voor veel pony’s vormt 1,5 tot 2 procent van het gewenste lichaamsgewicht aan droge stof uit ruwvoer een passend vertrekpunt. Hoeveel kilo hooi of voordroog dat precies is, hangt af van het droge-stofgehalte. Daarom is een ruwvoeranalyse zo waardevol: die laat onder meer zien hoeveel energie, eiwit en suiker het ruwvoer werkelijk bevat.

Een oudere pony met een gezond gewicht en voldoende kauwvermogen doet het vaak goed op smakelijk, hygiënisch hooi met een passende voedingswaarde, verdeeld over zoveel mogelijk eetmomenten. Is het ruwvoer erg stengelig of kost kauwen zichtbaar moeite, dan kan geweekt hooi, gehakseld vezelvoer zonder onnodige toevoegingen of een geweekte vezelrijke ruwvoervervanger helpen om de vezelopname praktisch haalbaar te houden. Verander niet alles tegelijk. Geef de mest en het eetgedrag de tijd om mee te veranderen.

Naast ruwvoer heeft ieder paard een gerichte aanvulling van vitaminen, mineralen en sporenelementen nodig wanneer die niet volledig uit het basisrantsoen komen. Dat geldt zeker bij een beperkt rantsoen of wanneer alleen ruwvoer wordt gevoerd. Kies niet op basis van een lange ingrediëntenlijst, maar op basis van wat het ruwvoer en de pony nodig hebben. Een balancer of geconcentreerde aanvulling kan dan overzicht bieden zonder dat je grote porties krachtvoer hoeft te geven.

Voorbeeld rantsoen voor oudere pony van 300 kilo

Dit voorbeeld is bedoeld voor een pony van ongeveer 300 kilo, met een normaal gewicht, rustige recreatieve beweging, een goed functionerend gebit en geen bijzonder dieetadvies van dierenarts of behandelaar. Het is geen vast recept: de uitslag van je ruwvoeranalyse en de conditie van jouw pony bepalen de uiteindelijke hoeveelheden.

Als basis krijgt deze pony dagelijks voldoende goed ruwvoer, verspreid over de dag en nacht. Bij hooi met circa 85 procent droge stof kan dat bijvoorbeeld neerkomen op ongeveer 6 tot 7 kilo hooi per dag, afhankelijk van het gewenste lichaamsgewicht, de energiebehoefte en de analyse. Weeg dit af, ook wanneer de pony op het oog ‘maar een beetje’ krijgt.

Daarbij krijgt hij een afgemeten dagelijkse portie vitamine- en mineralenaanvulling die past bij zijn gewicht en bij het ruwvoer. Wanneer de analyse laat zien dat het eiwitgehalte laag is of wanneer de pony zichtbaar bespiering verliest, kun je samen met een voedingsdeskundige kijken naar een passende eiwitbron. Verdeel zo nodig een klein deel over twee voerbeurten. Schoon water, een likmogelijkheid en voldoende rustige beweging horen vanzelfsprekend bij dit geheel.

Heeft dezelfde pony moeite met lang hooi, maar moet hij wel vezels blijven opnemen? Vervang dan niet zomaar al het ruwvoer door krachtvoer. Kies liever voor een vezelrijke, goed te weken ruwvoervervanger als aanvulling of gedeeltelijke vervanging, en bouw dit geleidelijk op. De hoeveelheid bepaal je op droge-stofbasis, niet alleen op wat er in de voerbak past.

Wanneer het voorbeeld moet veranderen

Een pony die te zwaar is, heeft niet per definitie minder voedingstoffen nodig, maar wel een zorgvuldigere energie-inname. Beperk ruwvoer nooit ondoordacht. Kies voor passend, eventueel geanalyseerd ruwvoer, voer afgewogen porties en bespreek een veilige aanpak met een deskundige als afvallen moeizaam gaat. Bij sober gehouden pony’s kan juist de keuze voor een laagcalorische, geconcentreerde aanvulling praktisch zijn.

Een pony die afvalt, vraagt om een andere vraagstelling. Eet hij alles op? Kan hij het goed kauwen? Is er voldoende ruwvoer beschikbaar? Bevat het ruwvoer genoeg energie en eiwit? Pas wanneer die basis klopt, is het zinvol om de energiedichtheid van het rantsoen te verhogen. Kies daarbij voor voerbronnen die passen bij de individuele pony en verdeel grotere hoeveelheden over meerdere kleine maaltijden.

Ook beweging verandert de behoefte. Een oudere pony die nog meerdere keren per week wordt gereden of gemend, gebruikt doorgaans meer energie dan een pony die alleen licht beweegt in de paddock. Tegelijk kan intensiever voeren ongewenst zijn als conditie, temperament of mest daar niet goed op reageren. Het beste rantsoen is dus niet het rijkste rantsoen, maar het rantsoen waarop de pony stabiel eet, prettig beweegt en goed op gewicht blijft.

Geef veranderingen tijd en houd het eenvoudig

Veel voerproblemen ontstaan doordat er te veel tegelijk wordt aangepast. Een ander hooi, nieuw krachtvoer, extra supplementen en minder weidegang in dezelfde week maken het onmogelijk om te zien wat effect heeft. Verander één onderdeel tegelijk, bouw geleidelijk op en noteer gewicht, conditie, mest en eetlust. Zo maak je van voeren geen gokwerk.

Bekijk bovendien wat al in het rantsoen zit. Verschillende producten naast elkaar voeren kan leiden tot onnodige overlap, terwijl een tekort aan vezels of passend eiwit daarmee niet wordt opgelost. De filosofie van Het Nieuwe Voeren sluit hier goed op aan: begin met biodivers, passend ruwvoer en vul alleen gericht aan wat ontbreekt. In het boek Het Nieuwe Voeren, praktisch handboek voor een beter paardenwelzijn vind je meer handvatten om die keuzes stap voor stap te maken.

Een ouder wordende pony hoeft niet op een standaard seniorrantsoen te staan. Wie ruwvoer weegt, het gebit laat controleren, de conditie volgt en gericht aanvult, geeft zijn pony vooral iets waardevols: een voerbeleid dat meebeweegt met wat hij vandaag nodig heeft.

Zurück zum Blog